GERECHTSHOF DEN HAAG
Civiel recht
Team Handel
Zaaknummer hof : 200.346.722/01
Zaak- en rolnummer rechtbank : 10785508 \ CV EXPL 23-3381
Arrest van 30 juni 2026
in de zaak van
Collect Car B.V., h.o.d.n. Greenwheels,
gevestigd in Rotterdam,
appellante,
advocaat: mr. W. Boeters, kantoorhoudend in Rotterdam,
tegen
[geïntimeerde] ,
wonend in [woonplaats] ([gemeente]),
geïntimeerde,
niet verschenen.
Het hof zal partijen hierna Greenwheels en de consument noemen.
1. De zaak in het kort
Greenwheels vordert in deze zaak de betaling van een aantal openstaande facturen vanwege gebruik van haar (huur)auto’s door een consument.
De kantonrechter heeft de vordering afgewezen omdat Greenwheels haar vordering onvoldoende had onderbouwd, gelet op de (pre)contractuele informatieplichten waar de rechter ambtshalve aan heeft te toetsen. In hoger beroep zal het hof niet de gehele vordering afwijzen, maar een aftrek toepassen van 40 procent op de hoofdsom, in overeenstemming met de in de rechtspraak ontwikkelde Richtlijn Sanctiemodel informatieplichten (hierna: het Sanctiemodel).
2. Procesverloop in hoger beroep
Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit de volgende stukken:
de dagvaarding van 11 april 2024, waarmee Greenwheels in hoger beroep is gekomen van het vonnis van de kantonrechter in de rechtbank Den Haag (zittingsplaats Gouda) van 11 januari 2024 (hierna: het bestreden vonnis);
de memorie van grieven van Greenwheels, met bijlagen.
De consument is in deze procedure niet verschenen. Aan hem is verstek verleend.
3. Feitelijke achtergrond
Greenwheels verhuurt personenauto’s en lichte bedrijfsauto's. De consument is een consument de zin van art. 6:230g lid 1, aanhef en onder a BW en daarmee in de zin van art. 6:230m BW (informatieplichten bij een overeenkomst op afstand).
Partijen hebben een overeenkomst gesloten (hierna: de abonnementsovereenkomst) op grond waarvan de consument voor een bepaalde tijd een auto kan huren van Greenwheels. De consument heeft diverse malen onder deze overeenkomst auto’s van Greenwheels gehuurd.
De consument heeft een aantal facturen van Greenwheels onbetaald gelaten.
4. Het verloop van de procedure
Greenwheels heeft de consument gedagvaard en gevorderd om – samengevat weergegeven – de consument te veroordelen tot betaling aan Greenwheels van een bedrag van € 3.198,36 (het uitstaande bedrag aan facturen, vermeerderd met rente en kosten tot datum dagvaarding), te vermeerderen met de wettelijke rente en met veroordeling in de proceskosten en de wettelijke rente over de proceskosten bij niet tijdige betaling.
De consument is in eerste aanleg niet verschenen en aan hem is verstek verleend.
De kantonrechter heeft de vorderingen afgewezen en Greenwheels in de kosten veroordeeld van de consument, die zijn begroot op nihil. De kantonrechter was van oordeel dat Greenwheels niet had voldaan aan haar stelplicht dat de geldende informatieplichten zijn nageleefd.
Greenwheels is in hoger beroep gekomen en vordert hetzelfde als bij de kantonrechter, met veroordeling van de consument in de (na)kosten.
5. De beoordeling in hoger beroep
Met haar twee grieven (die zich lenen voor gezamenlijke behandeling) wil Greenwheels bereiken dat in hoger beroep haar vordering alsnog wordt toegewezen. Volgens Greenwheels heeft zij wel aan haar informatieplichten voldaan. Voor zover daarvan geen sprake is geweest dient haar vordering niet geheel te worden afgewezen, maar dient een aftrek te worden toegepast conform het Sanctiemodel, aldus Greenwheels.
Bij de beoordeling wordt het volgende voorop gesteld.
De vordering van Greenwheels is gebaseerd op een overeenkomst gesloten ‘op afstand’ tussen een handelaar en een consument. Bij het sluiten van dergelijke overeenkomsten moet, om de consument te beschermen, aan de wettelijke informatieplichten zijn voldaan. Deze plichten zijn opgenomen in Boek 6, titel 5, afdeling 2B van het Burgerlijk Wetboek (BW) en implementeren Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad betreffende consumentenrechten (hierna: Richtlijn consumentenrechten).
In de uitspraak van dit hof van 23 juni 2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:1973 heeft het hof uiteengezet welke informatieplichten op Greenwheels rusten bij het aangaan van een overeenkomst met een consument. Verwezen wordt naar wat in die uitspraak is overwogen onder ‘5. Juridisch kader’. Deze overwegingen gelden hier als herhaald en ingelast.
In dit geval heeft de consument gekozen voor een abonnementsvorm waarvoor maandelijks kosten in rekening werden gebracht. Het gevolg is dat zowel bij het afsluiten van de abonnementsovereenkomst als bij het afsluiten van de reserveringsovereenkomsten op Greenwheels informatieplichten hebben gerust.
Opgemerkt wordt nog dat Greenwheels in haar processtukken geen onderscheid heeft gemaakt tussen het afsluiten van de abonnementsovereenkomst en de totstandkoming van de reserveringsovereenkomsten. Greenwheels heeft ook geen schermafdrukken in het geding gebracht die betrekking hebben op de totstandkoming van de reserveringsovereenkomsten.
In zoverre heeft Greenwheels ook in hoger beroep haar vordering niet van een voldoende onderbouwing voorzien. Omdat Greenwheels al voor aanvang van de procedure bij de kantonrechter erop is gewezen welke stukken zij zou dienen te overleggen – om inzichtelijk te maken hoe het bestelproces is doorlopen en welke informatie daarbij is gegeven – en dat in hoger beroep opnieuw heeft nagelaten, zal Greenwheels niet meer in de gelegenheid worden gesteld om dat alsnog te doen.
De abonnementsovereenkomst
Het hof is van oordeel dat uit de overgelegde stukken in voldoende mate kan worden afgeleid dat Greenwheels bij het afsluiten van de abonnementsovereenkomst met de consument in elk geval aan de volgende op haar rustende essentiële informatieplichten heeft voldaan: - de voornaamste kenmerken van de dienst en de totale prijs voor een abonnement: de door Greenwheels overgelegde schermafdruk van het keuzemenu toont de verschillende abonnementsvormen met de daarbij behorende prijzen en verschillen, de consument heeft hieruit een keuze moeten maken bij het afsluiten van een abonnementsvorm; - de identiteit en adresgegevens: deze zijn vermeld op een schermafdruk van de abonnementsovereenkomst die is overgelegd;- de betalingsmogelijkheden; de overgelegde schermafdrukken vermelden dat betaald dient te worden per automatische incasso (de schermafdruk van het contract) en dat tweemaal per maand daarvoor een factuur wordt gestuurd (de schermafdruk met ‘De belangrijkste spelregels’), en verdere voorlichting hierover wordt gegeven in de algemene voorwaarden.
Aan de hand van wat door Greenwheels is gesteld en de door Greenwheels overlegde stukken kan niet (in voldoende mate) worden vastgesteld of Greenwheels ook heeft voldaan aan de volgende (toepasselijke/relevante) informatieplichten:- de opzeggingsvoorwaarden (artikel 6:230m lid 1 onder o BW); de algemene voorwaarden van Greenwheels vermelden weliswaar dat de abonnementsovereenkomst maandelijks opzegbaar is, maar in hoeverre deze informatie ook is verstrekt vóór het sluiten van de overeenkomst en op een “duidelijke en in het oog springende manier en onmiddellijk voordat de consument zijn bestelling plaatst” (artikel 6:230v lid 2 BW) kan niet worden geverifieerd aan de hand van de door Greenwheels overgelegde stukken; - het ontbindingsrecht (artikel 6:230m lid 1 onder h BW); volgens Greenwheels heeft zij aan dit vereiste voldaan gelet op wat staat vermeld onder 45 onder c in haar algemene voorwaarden. Wat is vermeld onder 45 van de algemene voorwaarden geeft de consument echter geen (onvoorwaardelijk) recht de abonnementsovereenkomst weer te mogen ontbinden binnen een bedenktermijn; - de ‘bestelknop’ (bij het afsluiten van een abonnement waarvoor (maandelijks) betaald moet worden); niet kan worden vastgesteld dat deze vermeldde ‘bestellen/afsluiten met betalingsverplichting’ of woorden van gelijke strekking. Weliswaar voert Greenwheels in haar grief 1 aan dat zij de consument op een duidelijke en in het oog springende manier en onmiddellijk voordat de consument zijn ‘bestelling’ heeft geplaatst heeft geïnformeerd over zijn betalingsverplichting (waarbij Greenwheels heeft verwezen naar een schermafdruk) maar een afbeelding van de bestelknop is niet zichtbaar op de overgelegde schermafbeeldingen en Greenwheels heeft nagelaten specifiek te vermelden welke tekst op de ‘bestelknop’ stond.
Vastgesteld wordt dat sprake is van twee voldoende ernstige schendingen waarbij het hof ook niet heeft kunnen vaststellen dat de tekst van de bestelknop voldoet aan de daaraan te stellen eisen.
Het hof zal - conform het Sanctiemodel – de met de consument gesloten abonnementsovereenkomsten partieel vernietigen en de verplichting tot betaling van door Greenwheels gevorderde abonnementsgelden in zoverre verminderen met 40%. Dat leidt in dit geval tot een passende en redelijke uitkomst.
Greenwheels maakt aanspraak op betaling van € 14,52 voor abonnementsgelden, met als gevolg dat € 8,71 van dat bedrag toewijsbaar is.De reserveringsovereenkomsten
Het hof is van oordeel dat Greenwheels bij de totstandkoming van de reserveringsovereenkomsten ervan mocht uitgaan dat de consument reeds beschikte over: - de voornaamste kenmerken van de overeenkomst; de consument maakte immers zelf een keuze voor het type auto en de tijdsduur bij iedere reservering; en- haar identiteits-/adresgegevens; die reeds waren verstrekt bij het aangaan van de abonnementsovereenkomst en ook raadpleegbaar waren op haar website.
Niet kan worden vastgesteld of Greenwheels ook heeft voldaan aan de volgende (toepasselijke/relevante) informatieplichten:- informatie over de kosten (artikel 6:230m lid 1 onder e BW); het hof is van oordeel dat het op de weg van Greenwheels heeft gelegen de consument ten minste in staat te stellen de prijs te berekenen van een ‘rit’ door het uurtarief en de prijs per kilometer die in rekening zou worden gebracht te vermelden tijdens het reserveringsproces; en- de ‘bestelknop’ (voor het maken van een reservering); niet kan worden vastgesteld dat deze vermeldde ‘bestellen/reserveren/huren met betalingsverplichting’ of woorden van gelijke strekking.
Bij het aangaan van de reserveringsovereenkomsten is (telkens) sprake geweest van één voldoende ernstige schending, waarbij het hof ook niet heeft kunnen vaststellen dat de tekst van bestelknop voldoet aan de daaraan te stellen eisen.
Het hof zal - conform het Sanctiemodel – de met de consument gesloten abonnementsovereenkomsten partieel vernietigen en de verplichting tot betaling van door Greenwheels gevorderde abonnementsgelden in zoverre verminderen met 40%. Dat leidt in dit geval tot een passende en redelijke uitkomst.
Greenwheels maakt aanspraak op betaling van € 1.128,96 voor het gebruik van haar deelauto’s, met als gevolg dat € 677,38 van dat bedrag toewijsbaar is.
Bekeuringen
In de gevorderde facturen maakt Greenwheels aanspraak op betaling van de volgende bekeuringen: - € 1.000,-- € 53,-- € 42,-- € 45,-- € 75,-- € 246,-Totaal € 1.461,-
Deze bedragen zijn, nu zij het hof niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen, toewijsbaar.
Administratiekosten bekeuringen
Over de bij de doorbelasting van de bekeuring in rekening gebrachte ‘administratiekosten bekeuringen’ (6 x € 12,50 = € 75,-) wordt overwogen als volgt. Greenwheels heeft niet specifiek toegelicht waarom zij ‘administratiekosten bekeuringen’ in rekening mag brengen.
Vastgesteld wordt dat in de algemene voorwaarden (onder 35) is opgenomen dat administratiekosten in rekening zullen worden gebracht voor de verwerking van iedere verkeersovertreding. Voor de hoogte van het bedrag dat daarvoor in rekening zal worden gebracht wordt verwezen naar de website.
Greenwheels heeft niet toegelicht dat zij administratiekosten in rekening heeft gebracht conform het tarief zoals op haar website is gemeld, noch een schermafdruk daarvan overgelegd. In zoverre heeft zij haar vordering onvoldoende onderbouwd en zal deze worden afgewezen, omdat op grond van art. 6:230n lid 3 BW niet (concreet) opgegeven bijkomende kosten (die op voorhand kunnen worden berekend) als bedoeld in art. 230m lid 1, onderdeel e BW, niet zijn verschuldigd.
De toewijsbare hoofdsom
Hiervoor is in totaal € 2.147,09 toewijsbaar geoordeeld (hierna: de hoofdsom):- € 8,71 (abonnementskosten)- € 677,38 (reserveringen/autohuur)- € 1.461,- (verkeersboetes)
Buitengerechtelijke kosten
Greenwheels heeft ook veroordeling van de consument tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten gevorderd.
Het hof constateert dat Greenwheels een zogeheten veertiendagenbrief van 14 juli 2023 heeft gezonden die aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW voldoet, zodat een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten toewijsbaar is. Er zijn geen omstandigheden aanwezig om (ambtshalve) tot matiging van de gevorderde vergoeding over te gaan.
Volgens de tarieven van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is in dit geval, gelet op de toewijsbaar geoordeelde hoofdsom, een bedrag van € 322,06 aan buitengerechtelijke kosten, toewijsbaar.
Wettelijke rente
In voornoemde veertiendagenbrief is gesommeerd te betalen binnen 15 dagen en wordt de consument in gebreke gesteld voor het geval niet binnen deze termijn wordt betaald. Gelet hierop is de wettelijke rente toewijsbaar over de hoofdsom vanaf 29 juli 2023.
De wettelijke rente over de buitengerechtelijke kosten zal worden toegewezen per datum dagvaarding (17 oktober 2023), zoals door Greenwheels is gevorderd.
Oneerlijke bedingen
Het hof heeft – ambtshalve toetsend – geen bedingen oneerlijk bevonden.
Conclusie en proceskosten
Het bestreden vonnis zal worden vernietigd. Het hof zal opnieuw beslissen zoals hierna onder ‘Beslissing’ is weergegeven.
Omdat de vordering van Greenwheels in hoger beroep slechts ten dele, voor ongeveer de helft, wordt toegewezen en Greenwheels zowel een eerste aanleg als in hoger beroep valt te verwijten niet de juiste/alle stukken te hebben aangeleverd om te kunnen beoordelen of zij aan de op haar rustende informatieplichten heeft voldaan, zal het hof de proceskosten van het geding bij de kantonrechter en van het hoger beroep compenseren. Dat betekent dat Greenwheels haar eigen proceskosten moet dragen.
6. Beslissing
Het hof:
vernietigt het bestreden vonnis;
opnieuw rechtdoende:
vernietigt de met [geïntimeerde] gesloten abonnementsovereenkomst en reserveringsovereenkomsten partieel, in de zin dat de betalingsverplichtingen onder die overeenkomsten wordt verminderd met 40 procent;
veroordeelt [geïntimeerde] om aan Greenwheels een hoofdsom van € 2.147,09 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 29 juli 2023;
veroordeelt [geïntimeerde] om aan Greenwheels als vergoeding voor buitengerechtelijke kosten € 322,06 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 17 oktober 2023;
compenseert de proceskosten van het geding bij de kantonrechter tussen de partijen, aldus dat elke partij de eigen proceskosten moet dragen;
compenseert de proceskosten van het hoger beroep tussen de partijen, in de zin dat elke partij de eigen proceskosten draagt;
bepaalt dat als [geïntimeerde] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan de uitspraak heeft voldaan en dit arrest vervolgens wordt betekend, [geïntimeerde] de kosten van die betekening moet betalen, plus extra nakosten van € 98,-;
verklaart dit arrest uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit arrest is gewezen door mrs. A.J.P. Schild, H.J. van Harten en R.F. Groos en in het openbaar uitgesproken op 30 juni 2026 in aanwezigheid van de griffier.