ECLI:NL:RBROT:2026:11293

ECLI:NL:RBROT:2026:11293

Instantie Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak 06-08-2026
Datum publicatie 06-09-2026
Zaaknummer C/10/723713 / FA RK 26-5968
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Dordrecht

Samenvatting

afwijzing RM

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/723713 / FA RK 26-5968

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 6 augustus 2026 betreffende een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in artikel 24 van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (hierna: Wzd)

op verzoek van:

het CIZ,

met betrekking tot:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 2004,

wonende te [woonplaats] ,

op dit moment verblijvende in [zorginstelling] , [locatie] te [plaats]

advocaat mr. H.J. Naber te Dordrecht.

1. Procesverloop

Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van het CIZ, ingekomen ter griffie op 22 juli 2026.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

het indicatiebesluit op grond van artikel 3.2.3 van de Wet langdurige zorg van 14 juli 2025;

de medische verklaring, opgesteld en ondertekend door [persoon A] , arts voor verstandelijk gehandicapten, van 9 juli 2026;

de aanvraag voor een rechterlijke machtiging van 13 juli 2026;

een afschrift van de beschikking waarbij mentorschap is ingesteld en een afschrift van de beschikking waarbij een mentor is benoemd.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden te Dordrecht op 6 augustus 2026. Bij die gelegenheid zijn verschenen:

[betrokkene] met zijn hiervoor genoemde advocaat;

[persoon B] , gedragswetenschapper, verbonden aan [zorginstelling] ;

de vader van [betrokkene] , die ook de moeder – tevens mentor – van [betrokkene] vertegenwoordigde.

2. Beoordeling

De advocaat heeft tijdens de mondelinge behandeling namens [betrokkene] gevraagd om afwijzing van het verzoek, omdat de medische verklaring niet duidelijk maakt dat bij [betrokkene] sprake is van een verstandelijke beperking of een gelijkgestelde aandoening. Uit de medische verklaring blijkt dus onvoldoende dat sprake is van een aandoening waarop de Wzd van toepassing is. De aandoeningen die in medische verklaring vermeld staan, kwalificeren wel als stoornissen in de zin van de Wvggz, maar in de verklaring is niet onderbouwd waarom deze problematiek in dit geval onder de Wzd zou moeten vallen. Bovendien is het ernstig nadeel in de medische verklaring niet ingedeeld in de categorieën zoals die in de Wzd beschreven staan. Ook op dat punt voldoet de medische verklaring dus niet.

Het verweer slaagt. De rechter vindt dat in de medische verklaring duidelijk opgeschreven had moeten worden waarom de problematiek van [betrokkene] – te weten een autisme-spectrumstoornis in combinatie met ADHD, en een borderline persoonlijkheidsstoornis – moet worden gelijkgesteld aan een aandoening in de zin van de Wzd. Dat is niet gebeurd en dat is een duidelijke omissie die ziet op het toepassingsbereik van de Wzd. Het gevolg hiervan is dus dat niet duidelijk uit de stukken blijkt waarom de Wzd op de situatie van [betrokkene] van toepassing is. De rechter kan niet over dit gebrek in de medische verklaring heen stappen. Daarnaast ziet de rechter ook dat het ernstig nadeel in de medische verklaring niet is omschreven in de categorieën zoals die in de Wzd staan genoemd. Hoewel dit punt volgens de rechter op zichzelf niet rechtstreeks in de weg zou staan aan het verlenen van een rechterlijke machtiging, draagt dit in combinatie met de gebrekkige omschrijving van de diagnose wel bij aan de conclusie dat de medische verklaring niet volstaat als grondslag voor het verlenen van de gevraagde rechterlijke machtiging.

Eenvoudig gezegd vindt de rechter dus dat de medische verklaring niet goed uitlegt op grond waarvan een rechterlijke machtiging voor [betrokkene] passend en noodzakelijk is. Daarom zal de rechter het verzoek afwijzen.

De rechter wil [betrokkene] nog graag meegeven dat iedereen die bij hem betrokken is, hem probeert te helpen. Hopelijk lukt het [betrokkene] om deze mensen te vertrouwen, zodat als er een goed plekje voor hem beschikbaar komt, hij die plek een kans wil geven zonder bang te zijn voor wat er op hem afkomt. Het is heel begrijpelijk dat [betrokkene] bang en verdrietig is, omdat hij al zo lang niet in een omgeving leeft waarin hij echt begrepen wordt. De mensen die hem willen helpen zijn daar juist naar op zoek: een plek waar [betrokkene] een fijner leven kan hebben. Of een nieuwe plek fijn zal zijn, zal alleen blijken als [betrokkene] het gaat proberen. Uit het gesprek met alle betrokkenen leidt de rechter af dat iedereen het beter wil maken voor [betrokkene] . Hij mag daar best een klein beetje in gaan vertrouwen. De rechter hoopt ook dat [betrokkene] weer gaat ontdekken wat hij leuk vindt om te doen, al begint dat maar met iets kleins. [betrokkene] is een heel bijzondere jongen.

3. Beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is op 6 augustus 2026 mondeling gegeven door mr. S.J. Huizenga, rechter, in tegenwoordigheid van mr. L. de Visser, griffier, en op 20 augustus 2026 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.J. Huizenga

Griffier

  • mr. L. de Visser

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand